|
Eenvoudige Tips & Tricks waarmee je het beste uit je Canon-camera kunt halen Lees hoe je met deze tips en tricks voor digitale fotografie van mooie foto's schitterende foto's kunt maken. Abonneer je op You Connect en je ontvangt de nieuwste tips direct in je inbox. 
|
Schakel je rasterlijnen in
Als je camera over deze functie beschikt, kun je de modus Grid Lines (Rasterlijnweergave) op het LCD-scherm van je camera gebruiken om je foto's te verbeteren. Hierdoor is je horizon gegarandeerd recht en kun je ook eenvoudiger gebruik maken van de 'regel van derden' waarmee je je foto in evenwicht kunt brengen.
|

|
Horizontaal versus verticaal
De meeste foto's worden horizontaal (liggend) genomen omdat dit meestal de natuurlijkste manier is om een camera vast te houden. Je kunt de camera ook 90° draaien om een verticale (staande) opname te maken. En dat voor protretten vaak staande en voor landschappen vaak liggende opnamen worden gebruikt, betekent nog niet dat je niet gewoon kunt experimenteren. Je kunt een portret bijvoorbeeld ook prima in liggende stand nemen.
|

|
De kracht van de lijn
Lijnen binnen foto's zorgen ervoor dat de kijker naar het centrum van de afbeelding kijkt. Een bekend voorbeeld van een goede lijn is een weg die naar de horizon loopt. De samenkomende lijnen vormen hier een sterke focus. Je kunt ook naar diagonale lijnen kijken, zoals een bergrand of de bochten van een rivier om de afbeelding interessant te maken.
|

|
Vul het kader
Wanneer je een foto neemt van een onderwerp, zorg er dan voor dat het de hele afbeelding vult. Op die manier kan de kijker niet worden afgeleid en wordt de aandacht naar het onderwerp getrokken. Gebruik niet alleen de zoomfunctie. Als je je positie verandert om dichter bij je onderwerp te komen, verander je ook het perspectief en de plaats van de elementen in je foto.
|

|
Kom dichterbij en concentreer je op de details
Vaak zijn het de kleine dingen die iets speciaals maken van een scène. Gebruik daarom de macro-instelling op je camera om een close-up te nemen. Denk er ook aan dat je meer vergroting krijgt met een groothoek dan met inzoomen, je komt namelijk veel dichter bij je onderwerp.
|

|
Fotografeer een onderwerp op de voorgrond voor betere verhoudingen en diepte
Als je een landschapsfoto maakt, zorg dan voor een onderwerp op de voorgrond. Dit kan een hek zijn, een muur, boom, persoon of gebouw. Hierdoor kijkt de kijker in de foto en ziet tegelijkertijd diepte in je foto.
|

|
Goede groepsfoto's
Het klinkt overbodig, maar zorg dat iedereen op de foto staat bij een groepsfoto! Je camera moet op voldoende afstand staan, maar niet zo ver weg dat je de mensen niet meer kunt herkennen. Houd de groepsleden onderling aan de praat totdat jij klaar bent zodat ze er relaxed bij staan (laat ruimte over voor jezelf). Vraag vervolgens hun aandacht. Iedereen ziet er op dat moment geanimeerd uit en kijkt op hetzelfde moment naar de camera. Stel de zelfontspanner, zelfontspanner voor gezichten of zelfontspanner voor knipoog in en voeg je bij de groep.
|

|
Geef de echte persoonlijkheid weer in een portret
Als je een portret neemt met hoofd en schouders, vraag dan je onderwerp om onder bepaalde hoek met het hoofd naar de camera gericht te staan voor een levendige en actieve opname. Als je onderwerp staat, geef hem of haar dan iets in handen of iets om tegen aan te leunen voor meer context op de foto. Stel je camera vervolgens in op Portret waardoor de camera wordt ingesteld op het reproduceren van natuurlijke huidskleurtinten en het wazig maken van de achtergrond om van je onderwerp het voornaamste aandachtspunt te maken.
|

|
Verwijder kleuren
Zwart/wit- en sepia-foto's zijn eenvoudig te maken met een PowerShot of IXUS. Je kunt dit doen met behulp van de functie "My Colors" of, in recentere modellen, met de Monochroominstelling in de "Creatieve filters". Zwart/wit-opnamen zorgen voor interessante nieuwe perspectieven op bekende taferelen omdat hier de nadruk ligt op de vormen binnen de foto. Sepia geeft de foto daarentegen onmiddellijk een oudere uitstraling en sfeer.
|

|
Ken je kleuren
Kleuren veranderen de sfeer van een foto. Rood is een warme kleur en overheerst vaak. Daarom trekt een klein beetje rood al snel de aandacht. Blauw is zwoeler en is minder opvallend in een foto. Groen is een natuurlijke kleur die aangenaam en rustgevend werkt. Bruin is een aardekleur en vormt een goede achtergrond voor andere kleuren. Bruin is echter bijna nooit een geschikte hoofdkleur voor een foto. Je kunt ook de functie Kleuraccent gebruiken om een kleur binnen een scène uit te lichten en de rest zwart/wit te laten om de nadruk te leggen op één kleur.
|
|