Hoe Tethys beelden omzet in beleid voor de toekomst van onze oceanen

5 min
•
Op deze foto, genomen vanuit de lucht, staan onderzoekers op de boeg van een boot te kijken naar gestreepte dolfijnen die uit het diepblauwe water springen.

Vijftien jaar is hoe je het ook bekijkt een lange tijd. Maar in de wereld van het mariene natuurbehoud voelt het als een eeuwigheid. In 2001 werd de klimaatcrisis nog gezien als iets wat pas in de toekomst zou gebeuren. Vandaag de dag ondervinden onze oceanen waarschijnlijk de grootste gevolgen. En Canon Italië heeft het Tethys Research Institute al die tijd nauw bijgestaan bij het uitvoeren van cruciaal wetenschappelijk onderzoek dat op de lange termijn gevolgen heeft die veel verder reiken dan de Middellandse Zee.

“Het identificeren van verschillende soorten aan de hand van foto’s is erg belangrijk voor onze gegevensanalyses”, legt Sabina Airoldi, senior projectdirecteur bij Tethys, uit. “We hebben duizenden dieren in het Pelagos-reservaat geïdentificeerd aan de hand van foto’s, waaronder 230 potvissen en meer dan 700 vinvissen”. Het reservaat, een speciaal beschermd gebied van mediterraan belang, is een belangrijke hotspot voor mariene biodiversiteit in het noordwesten van de Middellandse Zee en is door Italië, Frankrijk en Monaco ingesteld om mediterrane zeezoogdieren en hun leefgebied te beschermen.

Hier kan het team van Tethys hun vorderingen gedurende maanden en jaren volgen en, via wereldwijde samenwerkingsverbanden, hun reis volgen. “Vijf van de mediterrane soorten worden als bedreigd beschouwd. “Dus met alleen een camera en een lens van Canon kunnen we de bewegingen van deze dieren in kaart brengen”, legt ze uit. “We kunnen ze namen en codes geven, en zo krijgen we een beter beeld van de populatiegroottes en sterftecijfers in de loop van de tijd.”

Ze bereiken dit met een kernteam van tien onderzoekers, dat van mei tot oktober wordt aangevuld met nog eens tien tot vijftien onderzoekers uit de hele wereld. Als ze werken, doen ze dat in ploegen van drie tot vier weken op zee, waarbij ze deze dieren continu in de gaten houden en fotograferen. “Het is echt zwaar werk”, zegt ze. “We beginnen om zeven uur ’s ochtends en soms zijn we pas om twee uur ’s nachts klaar met het invoeren van de gegevens van die dag.”

Luchtfoto van een bootdek vol met onderzoekers die grienden observeren terwijl die naast de boot zwemmen in helder zeewater.

Langvin-grienden, met dank aan het Tethys Research Institute

En omdat er strenge beschermingsregels gelden voor de wateren van het beschermde gebied waar wilde walvissen en dolfijnen leven, moeten de teams hun foto’s vanaf de boot maken. Daarom hebben ze krachtige beeldvormingsgereedschappen nodig om de allerkleinste kenmerken van elk dier nauwkeurig vast te kunnen leggen. “Unieke natuurlijke kenmerken helpen ons”, legt ze uit. “Bij dolfijnen gebruiken we bijvoorbeeld de rugvin. "Bij potvissen gebruiken we het buikgedeelte van de staartvinnen [het platte deel van de staartvin] en bij vinvissen maken we foto’s van de rechterkant van de kop, waar de ‘blaze’ [een lichte streep achter het oog] en de ‘chevron’ [een V-vormige vlek op de rug] net zo uniek zijn als een vingerafdruk.”

Dankzij hun langdurige samenwerking met Canon Italië heeft het Tethys Institute toegang gehad tot de allernieuwste camera’s en lenzen om deze uiterst uitdagende en dynamische gegevens te verzamelen. Het meest recente voorbeeld is het EOS R-systeem, dat volgens Sabina beschikt over "een supersnelle autofocus, en dat is voor ons echt het allerbelangrijkste”, maar dat ook ideaal is voor hun werk dat de klok rond doorgaat, over grote afstanden en bij lastige lichtomstandigheden. Alle camera's die ze gebruiken, moeten ook snel en soepel samenwerken met hun software voor gegevensanalyse – want het laatste wat ze kunnen gebruiken is technische stress om 2 uur ’s nachts, op zee en in het donker.

De staart van een potvis steekt boven het oceaanwater uit, terwijl op de achtergrond een zeilboot voor anker ligt.

Potvis, met dank aan het Tethys Research Institute

"Het is onze missie heel degelijke wetenschappelijke gegevens te verzamelen die we aan overheden kunnen laten zien om zo invloed uit te oefenen op de beschermingsmaatregelen die ze in de toekomst nemen”, zegt Sabina. En dat werkt – Tethys heeft ervoor gezorgd dat de beschermingsstatus van vijf soorten door de IUCN is herzien, en heeft ook bijgedragen aan de instelling van een PSSA (Particularly Sensitive Sea Area) in het noordwestelijke deel van de Middellandse Zee. “Uit ons onderzoek is gebleken dat het risico dat vinvissen en potvissen door commerciële schepen worden geraakt, aanzienlijk afneemt als schepen langzamer varen dan tien knopen. Daarom werken we nu nauw samen met de Italiaanse kustwacht om het risico op aanvaringen met deze dieren te verminderen, door rederijen hierop te wijzen en schepen aan te moedigen hun snelheid te minderen als er walvissen in het gebied worden gesignaleerd.” En hoewel het melden en registreren van waarnemingen absoluut cruciaal is voor deze missie, is er ook een belangrijk aspect van publieke bewustwording nodig om hun werk te ondersteunen.

Vooral de verhalen over twee potvissen spraken tot de verbeelding van het publiek: Freddy en Canon (ja, ter ere van onze jarenlange samenwerking!). Canon werd voor het eerst gezien in 2016 en daarna nog vaak tussen 2019 en 2023. In 2021 en 2023 werd Canon echter samen met Freddy gezien, die, zoals al snel werd opgemerkt, een diepe snee op zijn rug had, waarschijnlijk veroorzaakt door een botsing of omdat hij per ongeluk verstrikt was geraakt in een visnet. Deze verwonding was een duidelijk bewijs van door de mens veroorzaakte risico’s in een voor potvissen cruciale omgeving, en Tethys kon het verhaal van Canon en Freddy gedurende een aantal jaren vertellen. Ze volgden hoe Freddy beter werd en zagen hoe ze keer op keer terugkeerden naar het Pelagos-reservaat.

Luchtfoto van een grote potvis die boven water komt en een regenboog van nevel spuit vlakbij een witte boot vol onderzoekers.

Freddy de potvis, met dank aan het Tethys Research Institute

Deze ogenschijnlijk kleine verhalen maken echter deel uit van een enorm en toegewijd netwerk waar Tethys met trots deel van uitmaakt. “Ons onderzoeksgebied is meer dan 25.000 vierkante kilometer groot, maar deze dieren zijn heel mobiel. “Dus eigenlijk zijn ze hier gewoon op doorreis”, legt ze uit. “We hebben enorm veel moeite gedaan om met andere instellingen samen te werken en hebben nu een heel sterk netwerk. Want als je geen gegevens deelt, krijg je niet de betrouwbare resultaten die je nodig hebt. “Het uiteindelijke doel is deze dieren te beschermen.” Dus elke keer als een onderzoeker zijn EOS R tevoorschijn haalt om een walvis, een dolfijn of een van de vele andere beschermde diersoorten te fotograferen, gaat die foto de wereld rond. En zo ontstaat er een totaalbeeld dat zich vertaalt in concrete acties voor al onze oceanen.

We steunen initiatieven om de verborgen wereld van het koraal te redden. Volg de voortgang van ons werk hier.

Gerelateerd